Gouverneur Healey van Massachusetts verleent ‘License to kill’.

Op 10 augustus 2026 ondertekende gouverneur Maura Healey An Act Prioritizing Patient Access to Care. Deze wet bepaalt eenvoudig dat na 24 weken een abortus door een arts mag worden uitgevoerd. Er staat geen nieuwe uiterste zwangerschapsgrens in de wet. De wetgever zelf omschreef de maatregel als het verwijderen van restricties op abortus. Kortom, het leven van het kind mag tot aan de dag van de geboorte beëindigd worden.

Wanneer een zwangerschap gewenst is, spreekt vrijwel iedereen spontaan over de baby”, men bekijkt echos, telt vingers en tenen, bespreekt de naam en probeert het leven te beschermen. Wanneer exact hetzelfde zich biologisch ontwikkelende menselijke wezen ongewenst is, kan het taalgebruik plotseling afstandelijk worden: zwangerschapsweefsel”, product van conceptie” of uitsluitend foetus”. Sommige van die termen zijn medisch correct in hun eigen context, maar moreel gezien kunnen woorden ook functioneren als een vorm van abstractie. Een foetus is immers niet een ander soort wezen dan een baby; foetus” beschrijft een ontwikkelingsfase van een een en dezelfde mens, zoals pasgeborene”, kleuter” en adolescent” dat doen. Een man van 80 is dezelfde persoon als toe hij 25 was, en dezelfde persoon toen hij voor het eerst leerde fietsen en dezelfde persoon toen hij zich nog in de baarmoeder bevond.

Er is geen moment tussen conceptie, geboorte en volwassenheid waarop het levende organisme eerst iets niet-menselijks zou zijn en vervolgens ineens mens zou worden. Vanaf de bevruchting bestaat een nieuw, levend menselijk organisme met een eigen genetische identiteit dat zich, wanneer het niet wordt gedood of door ziekte verloren gaat, van binnenuit verder ontwikkelt. Het verschilt van een pasgeborene in grootte, ontwikkeling, afhankelijkheid en locatie, maar niet in het fundamentele gegeven dat het om hetzelfde levende individu gaat.

Dat verklaart ook waarom gewenstheid” volgens de katholieke moraal geen criterium voor het recht op leven kan zijn. Een drie maanden oude baby kan volledig afhankelijk zijn van anderen en kan voor zijn ouders een zware last betekenen. Toch zou niemand daaruit concluderen dat hij daarom gedood mag worden. De morele regel luidt juist omgekeerd: hoe hulpelozer iemand is, des te groter onze plicht hem te beschermen.

Hier raakt de vergelijking met het reeds geboren kind een belangrijk punt. De geboorte is biologisch en sociaal buitengewoon belangrijk, maar zij verandert niet plotseling de identiteit van degene die geboren wordt. Vijf minuten vóór de geboorte en vijf minuten erna hebben we niet twee verschillende wezens. Het kind verandert van plaats en wijze van ademhalen, maar niet van menselijke soort of persoonlijke continuïteit. De wetgever bevestigt dit ongewild: het doden van een kind kort na de geboorte wordt als moord beschouwd, terwijl het doden van hetzelfde kind zeer kort daarvoor geoorloofd is. Het gaat toch echt om hetzelfde kind.

Wanneer de fundamentele waarde van een mens afhankelijk wordt van de wens van de moeder, of van bepaalde eigenschappen - zelfstandigheid, bewustzijn, gezondheid, nut, gewenstheid - dan wordt het moeilijk om principieel te verklaren waarom diezelfde criteria niet ook zouden kunnen worden toegepast op pasgeborenen, ernstig gehandicapten, dementerenden of stervenden. En precies daarom is de taal van gewenst” en ongewenst” zo problematisch. Een mens kan ongepland zijn. Hij kan ongelegen komen. Hij kan zelfs, tragisch genoeg, door niemand gewenst lijken. Maar uit katholiek oogpunt kan een mens nooit onwaardig om te leven worden doordat iemand anders hem niet wenst. Als geboorte het criterium wordt dat bepaalt of doden moord is, moet men kunnen uitleggen welke morele verandering tijdens die paar centimeter door het geboortekanaal plaatsvindt.

Neem een tweeling. Het ene kind wordt maandag om 10.00 uur geboren. Het andere bevindt zich maandag om 9.00 uur nog in de baarmoeder en zou diezelfde ochtend geboren kunnen worden. Er is geen gebeurtenis tussen 9.00 en 10.00 uur waardoor het ene wezen plotseling menselijke waardigheid ontvangt. Het kind gaat van de moederschoot naar het daglicht. Het verandert van plaats en fysiologische toestand, niet van wezen. Het gaat in elke levensfase om dezelfde persoon.

In Frankrijk is abortus inmiddels een constitutioneel recht. In Nederland pleit D66 (Dood 66) er in haar verkiezingsprogramma expliciet voor. Op Europees niveau ging het Europees Parlement in april 2024 door de bocht:  het nam een resolutie aan die oproept om het recht op veilige en legale abortus” toe te voegen aan het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Het recht om te beschikken over andermans leven; het zijn doorgaans barbaarse regimes die dit een normale zaak vinden.

Het is bizar om abortus als een grondrecht te willen verankeren. Een Grondwet behoort de meest fundamentele rechten van de mens te beschermen, allereerst het recht op leven. Zij zou dan echter tegelijk een recht” beschermen dat noodzakelijk veronderstelt dat een ander, weerloos menselijk leven mag worden beëindigd. Daarmee wordt niet het zwakste beschermd tegen de sterkste, maar krijgt de sterkere partij constitutionele bescherming om over het leven van de zwakkere te beschikken.

Ook de benaming vrouwenrecht” is vanuit katholiek perspectief misleidend. Natuurlijk hebben vrouwen precies dezelfde menselijke waardigheid en rechten als mannen, en een samenleving heeft een zware plicht zwangere vrouwen daadwerkelijk te ondersteunen. Maar geen enkel mensenrecht kan bestaan uit het recht om een andere onschuldige mens rechtstreeks te doden. Het ongeboren kind is bovendien in ongeveer de helft van de gevallen zelf een meisje. Haar recht op leven kan moeilijk worden opgeheven in naam van vrouwenrechten.

Er zit ook een merkwaardige omkering in het hedendaagse debat. Een vrouw wordt feitelijk verteld dat zij pas werkelijk dezelfde kansen heeft als een man wanneer zij haar vruchtbaarheid desnoods medisch kan laten uitschakelen en een zwangerschap kan beëindigen. Dat lijkt mij geen bevrijding van de vrouw, maar eerder het aanpassen van de vrouw aan een maatschappij die onvoldoende rekening houdt met moederschap.

 

+Rob Mutsaerts

Aux. bisschop Bisdom ‘s-hertogenbosch